Columns

Column Spoor & Hoekman

“Discussies over het functioneren van een werknemer is van alle tijden en zie ik regelmatig voorbij komen in de praktijk. Wanneer ik met deze zaken te maken krijg, is er vaak al sprake van een situatie waarbij de werkgever van de werknemer afscheid wil nemen. 

 

De hamvraag in zulke zaken is altijd of het gestelde disfunctioneren voldoende duidelijk kan worden gemaakt en ook of de werknemer voldoende in de gelegenheid is gesteld om zijn functioneren te verbeteren. Kortom, je moet als werkgever goed kunnen aantonen, door middel van bijvoorbeeld functioneringsgesprekken, dat een werknemer op bepaalde punten te kort schiet. Verder moet duidelijk zijn dat een werknemer hierop is aangesproken en een reële kans heeft gekregen om zijn functioneren te verbeteren. Een verbetertraject beslaat meer dan het alleen aangeven dat een werknemer een bepaalde tijd krijgt om zijn functioneren te verbeteren. Er wordt van een werkgever verwacht dat hij duidelijk maakt welke punten verbeterd moeten worden en de werknemer ook voldoende tijd en ondersteuning geeft om te werken aan verbetering van deze punten. 

 

Wanneer je je als werknemer niet kunt vinden in de opmerkingen over het functioneren is het belangrijk om je bezwaren hierover ook duidelijk op papier te zetten. In de afgelopen periode heb ik geregeld gemerkt dat er met name bij salesmedewerkers discussie ontstond omdat bepaalde salestargets niet werden gehaald. Vanuit de werkgever werd dan gezegd dat er sprake was van disfunctioneren, terwijl de werknemer van mening was dat het, bijvoorbeeld door de coronacrisis, onmogelijk was om nieuwe klanten te bezoeken en dit de tegenvallende resultaten veroorzaakte. Het is dan als werknemer van belang om je bezwaren tegen het gestelde disfunctioneren goed op papier te hebben staan, omdat dit van wezenlijk belang kan zijn bij de beoordeling van een door de werkgever gewenste ontbinding van het dienstverband wanneer de zaak bij de rechter terecht komt. Ook bij de onderhandelingen die tussen werknemers en werkgevers plaatsvinden om in onderling overleg tot een beëindiging te komen, wordt altijd meegenomen wat er van het gestelde disfunctioneren en het verbetertraject daadwerkelijk kan worden aangetoond. Hierbij geldt dat hoe minder één en ander kan worden aangetoond hoe meer onderhandelingsruimte er voor een werknemer is. 

 

Voor zowel een werknemer als een werkgever is het dan ook belangrijk om vroegtijdig deskundig advies in te winnen wanneer er sprake is van disfunctioneren.”