
Gevelde os
ColumnsMangs mu-j eerst veer hoofdstukke van ’n book leazen, vuurdet oe het verbaand en de hoofdrolspöllers duudlek wordt. Mangs zit iej dreks in ’t verhaal en vermaak iej oe hóe at den skriewer het opskrif.
Het beukn van Mary Borden,‘Verboden gebied’, grip oe dreks. Het spölt zik of in den Grooten Oorlog roond Ieper. Dan he’w het oawer een Eersten Wearldoorlog. Het gef oe een beeld van hoe at de verpleegsters in de noodhospitalen, een eandke van het front of, oe vertelt hoe at het doar an too gung.
Ik citere: “De berriedragers strompelden door zijn gewicht toen ze hem vanuit het zonlicht de operatiekamer in brachten. Een ogenblik lang zetten ze hem neer op de grond vlak buiten de hut voor operaties en veegden het zweet van hun bejaarde voorhoofd. Het was een hete zomerdag. In de sector was het rustig. De aanval die twee dagen voordien het hospitaal had doen vollopen was geluwd. Nu kwamen slechts sporadisch ambulances door het hek van het hospitaal gluren, om mannen af te leveren die de berriedragers over het hoofd hadden gezien, zodat zij een paar nachten in het Niemandsland waren achtergebleven of onnodig door verdwaalde kogels waren geraakt nadat het grote geweld voorbij was. Deze man was op eigen houtje uit de verte opgedaagd, een rode neus, een gehavende Ford had hem bewusteloos door de zomermiddag vervoerd en als een blok kaphout op onze drempel achtergelaten, het eenzame personage in een of andere obscuur vooral tijdens de naweeën van een slag. Hij lag als een gevelde os op de grond, een dodelijke gewonde stier, en ademde luidruchtig.”
Ik zee zo’n tafereel zo vuur miej. Het gemattel en geschreeuw van ‘buiken’ woer at een chirurg duudlek maakt det-e vandage boekoperaties dee. Dán reup-e ‘benen’ of ‘armen’ of ‘hoofd”. Der wör nit a te lange noadacht. Dreks de chloroformkappe op. “Is-e vot ?” En dan dreks het mes der in. Amputeren steeldn niks vuur. Een half gezichte mos noa ’n oorlog mear trechte worden emaakt. Allenig het heugst noodzakelijke, good ontsmetten en heanig wier dichte neejen.
Of hoe at het beukn begeent: “Modder, en een ijle regen druipt neer en zorgt voor nog meer modder. Modder, met verzonken ijzerschroot en het verhakkelde brokstuk van een natie, lam in de modder zwalkend op de rand van het noodlot. Het is stil hier. De regen en de modder dempen de stem van de oorlog die achter de horizon gromt. Maar als je luistert kun je stroomversnellingen van ijzer zich door kanalen in het verzopen land horen storten, en je voelt de aarde trillen.”
Oorlog is verschrikkelijk.
Gerard Voortman









